Stap 1: welke maten haal je uit de vulling?
De dikste kabel bepaalt de binnenhoogte, de som van de dikste laag bepaalt de binnenbreedte. Voeg 10% speling toe bij rustige toepassingen en 20% bij hoge snelheid, hitte of buitenopstelling. Tel de breedte van de scheidingsstegen mee en reserveer 15 tot 20% voor uitbreiding.
Stap 2: hoe bepaal je de buigradius?
Neem de grootste eis van alle kabels: 7,5 × diameter voor vaste installatie, 10 × voor bewegende toepassingen en 15 × voor lichtgeleiders en sommige bus-kabels. Kies daarna de eerstvolgende radius uit de reeks van de serie. Bij twijfel één stap groter: dat kost lengte, maar verlengt de kabellevensduur meetbaar.
Stap 3: hoe reken je de kettinglengte?
Gebruik Lk = S/2 + π × R + toeslag. De term π × R is de halve cirkel van de bocht; de toeslag dekt de eindstukken en een kleine reserve zodat de bocht niet tegen het vastpunt aanloopt. Reken bij glijdende opstellingen extra lengte voor de meenemerhoogte.
Stap 4: waar plaats je het vastpunt?
Bij een symmetrische slag zit het vastpunt in het midden; de ketting hoeft dan maar de halve slag te overbruggen. Kan het vastpunt alleen aan het uiteinde, dan reken je met de volledige slag: Lk = S + π × R + toeslag. Dat verdubbelt bijna de kettinglengte, dus loont het om het vastpunt te verplaatsen.
Stap 5: hoe rond je af naar schakels?
Deel de berekende lengte door de steek en rond naar boven af. Een halve schakel bestaat niet; te kort betekent dat de bocht niet volledig uitrolt. Wij leveren kettingen standaard in het aantal schakels dat bij jouw lengte hoort, met eindstukken al gemonteerd.
| Buigradius R | π × R | Bouwhoogte bocht | Extra bij symmetrisch vastpunt |
|---|---|---|---|
| 75 mm | 236 mm | ≈ 2 × 75 + Hi | 1–2 schakels |
| 100 mm | 314 mm | ≈ 2 × 100 + Hi | 1–2 schakels |
| 150 mm | 471 mm | ≈ 2 × 150 + Hi | 2 schakels |
| 200 mm | 628 mm | ≈ 2 × 200 + Hi | 2 schakels |
Veelgestelde vragen
- Moet ik de kabellengte anders berekenen dan de kettinglengte?
- Ja. Reken de kettinglengte plus de aansluitlengtes aan beide zijden, plus 3 tot 5% reserve voor de trekontlasting en het aansluiten in de kast. Kabels in de ketting mag je niet op spanning monteren.
- Verandert de formule bij een verticale opstelling?
- De lengteformule blijft gelijk, maar de toelaatbare vrijhangende lengte is kleiner en je moet de kabels axiaal ontlasten met een klem in elke schakelgroep. Vraag hierbij altijd om een controle van de opstelling.
- Kan ik de berekening laten controleren?
- Ja. Stuur slag, vulling, snelheid en omgeving via de offerteaanvraag; je krijgt een maatvoorstel met kettinglengte, aantal schakels, toebehoren en levertijd.
Lees hierna
- Welke buigradius heeft mijn kabel minimaal nodig?De vuistregels 7,5×, 10× en 15× uitgelegd, plus wat er gebeurt als je eronder gaat zitten.
- Hoe bereken je de vrijdragende lengte en de doorhang?Vulgewicht bepaalt de vrijdragende lengte. Wanneer je overgaat naar glijdend, en hoeveel doorhang acceptabel is.
- Hoe bepaal je de binnenhoogte en binnenbreedte van een kabelrups?Vulling meten, speling toeslaan en vakken indelen — inclusief de 60%-vuistregel en een compleet rekenvoorbeeld.
